tDe weg naar het samengaan met Rotterdam in 1941

De eerste plannen tot annexatie van Hillegersberg door Rotterdam dateren al van oktober 1924. Het was –eerlijk gezegd- niet een Duits plan een einde te maken aan de zelfstandigheid van Hillegersberg. Al in 1924 kreeg de directeur van plaatselijke werken van het gemeentebestuur van Rotterdam de opdracht een annexatieplan te ontwerpen. Uit het rapport van de directeur bleek dat Rotterdam Hillegersberg nog niet nodig had. In 1926 schreef het ministerie van Binnenlandse Zaken en Landbouw over de noodzaak tot uitbreiding van Rotterdam en over de ‘wantoestanden’ in Hillegersberg en Overschie op het gebied van de volksgezondheid, met name wat betreft riolering en drinkwatervoorziening. De economische crisis brak uit en vertraagde de plannen tot annexatie. Toch leek het tij niet te keren…   

Op 10 mei 1940 breekt de oorlog uit. Het gemeentebestuur blijft zijn werk doen, zo goed als dat kan. De gemeenteraad van Hillegersberg ziet in zijn vergadering van 14 mei 1941 een mogelijke annexatie als onvermijdelijk. Op zaterdag 17 mei 1941 is er in de achterzaal van het Plaswijckpaviljoen een mogelijkheid voor de bevolking om in discussie te gaan met de burgemeesters en wethouders van Hillegersberg, Schiebroek, Overschie en IJsselmonde over een aanstaande samenvoeging met Rotterdam. Het verandert niets aan de zaak.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op 31 juli 1941 vindt de laatste gemeenteraadsvergadering van Hillegersberg plaats. Er wordt een afscheidsreceptie gegeven in het Plaswijckpaviljoen. De annexatie door Rotterdam is op 1 augustus 1941 een feit. Burgemeester Van Kempen, in 1924 benoemd in Hillegersberg, wordt in eervol uit zijn ambt ontslagen. Als een soort verzetsdaad werden nog voor de annexatie de Bergsingel en de Verlengde Bergsingel omgedoopt in de Burgemeester F.H. van Kempensingel (besluit van B&W van Hillegersberg van 15 mei 1941). Ook de wethouders Terwiel, Spronkers en Steeman werden per 1 augustus eervol ontslagen. Maar zij kregen geen eigen singel van het College van B&W, dit in tegenstelling tot een eerdere wethouder van de gemeente Hillegersberg: Adrianus Johannes Breedveld (wethouder van 1919 - 1931) bij besluit van 23 juni 1941. Naar een andere oud-wethouder, Maarten Dijkshoorn, die 40 jaar gemeenteraadslid en wethouder was (1887 – 1927), was al veel eerder een laan genoemd, namelijk als een afscheidscadeau: bij besluit van 6 december 1927. 

De geannexeerde gemeenten kregen elk één vertegenwoordiger in de gemeenteraad van Rotterdam. Breedveld mocht Hillegersberg vertegenwoordigen. Dat was overigens maar van korte duur: enkele maanden later werd de gemeenteraad buiten dienst gesteld. De ambtenaren van Hillegersberg werden op 1 augustus 1941 in dezelfde rang door Rotterdam overgenomen. Hillegersberg werd een hulpsecretarie van Rotterdam. Oud-gemeentesecretaris van Hillegersberg Johannes van Ballegooij en oud-locosecretaris Roodvoets gingen de hulpsecretarie leiden. Van Ballegooij bleef tot 1951 chef van de hulpsecretarie. Overigens kreeg ook Van Ballegooij nog voor de feitelijke annexatie (besluit 23 juni 1941) zijn eigen singel van het toen nog zittende College van B&W van Hillegersberg.

Straatnamen werden in 1941 aangepast of gewijzigd omdat elders in de stad al straten met die naam bestonden. De Dorpsstraat in Hillegersberg bijvoorbeeld werd Bergse Dorpsstraat. Maar ook om andere redenen werden straatnamen gewijzigd. Van 1942 tot 1945 werd de Julianalaan de Hillegondalaan. Op 7 juni 1945 maakte B&W van Rotterdam er Prinses Margrietlaan van. De Prins Bernardkade onderging verschillende malen een naamswijziging. Heette de kade aanvankelijk Langeweg en werd het met het huwelijk van Koningin Juliana in 1937 Prins Bernardkade, tijdens de oorlogsjaren 1942-1945 heette het Voorplaskade.

 

Hillegondakerk en Bergkapel

De Hillegondakerk was in de jaren '30 aan een grondige restauratie toe. Plannen werden gemaakt, maar pas in 1940 was men 'zo ver'. De oorlog brak uit. Ondanks de bezetting kon toch worden begonnen met de restauratie. Van de ruim 30.000 gulden die nodig was, was door derden ruim 22.000 gulden beschikbaar gesteld. In juni 1941 stuurde het College van Kerkvoogden onder de leden een dringend verzoek uit het resterende geld bijeen te brengen. Dat lukte. Het openhouden van de kerk tijdens de restauratie lukte niet. Er werd een hulpkerk gebouwd: de Bergkapel. Deze werd als zodanig gebruikt van 1942-1944. De Bergkapel kreeg verschillende functies, maar werd weer echt kerk in 1948 toen de vrijzinnige gemeente het gebouw van de kerkvoogdij mocht huren. De laatste dienst in de Bergkapel vond plaats op 8 januari 2017.

  

De Hillegersbergenaren in de oorlogsperiode

De oorlogshandelingen duurden van 10 tot 15 mei 1940, met als dieptepunt het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940. Hillegersbergenaren waren op afstand getuige van het bombardement. Stromen Rotterdamse 'vluchtelingen' vonden onderdag in Hillegersberg en Schiebroek, waar als gevolg van de crisis, veel huizen leeg stonden. In de eerste tijd van de bezetting ging het leven 'gewoon' door. De winkels bleven open, de dokter hield spreekuur, de scholen gingen weer open en de volwassenen gingen weer naar hun werk.

Een groot contingent Duitse militairen werd in Hillegersberg in verschillende schoolgebouwen ondergebracht. Het Liduinacomplex huisvestte veel Duitsers, maar ook de scholen op het Jacob Marisplein en in de Adriaan van Matenesselaan moesten er aan geloven. Ook bij particulieren werden veel Duitsers ingekwartierd.

Zoals overal woonden er ook NSB'ers in Hillegersberg. Kinderen van NSB'ers zaten bij je in de klas, er waren ook juffen en meesters die met de Duitsers sympatiseerden. Iedereen, ook kleuters, leerden zeer op hun woorden te passen, want je kon sluw bevraagd worden en snel een broer of vader verraden.

Hillegersberg en Schiebroek vormden geen uitzondering bij de Jodendeportaties. In de periode tussen 30 juli 1942 en 10 april 1943 werden 203 Hillegersbergse Joden gedeporteerd, uit Schiebroek 45. Opmerkelijk is dat deze aantallen wel bekend zijn, maar die van overlevenden nauwelijks. 

In Hillegersberg zijn ook veel slachtoffers gevallen als represaillemaatregel van de Duitsers. Toen in november 1944 wapens werden aangetroffen in een keet van de voetbalvereniging VOC aan de Kleiweg werden Adrianus van Os en Rolandus Vermeulen ter plakke gefusilleerd. Ter nagedachtenis staat daar nu een monument.

De razzia’s voor de Arbeitseinsatz op 10 en 11 november 1944 waren in Rotterdam buitengewoon heftig. Ook in Hillegersberg. Mannen van 17 – 40 jaar moesten met een paar spulletjes op straat gaan staan en werden afgevoerd naar de tramremise op de Kootsekade. Aldaar is nu nog een gedenkplaat en de jaarlijkse tocht op 4 mei voorafgaand aan de dodenherdenking start nog steeds van die plaats.

Ook in Hillegersberg was de hongerwinter vreselijk. Het was bitter koud. Geen verwarming, geen eten. Iedereen improviseerde op zijn eigen manier. Zo werd op het bevroren geïnnundeerde gebied achter de Molenlaan, ter hoogte van Duivesteijn, op 'waterkippen' gejaagd.

Het vergaren van brandhout, tochten voor eten. Op de fiets, maar vaak ook lopend. Fietsen had een groot risico: veel fietsen werden gevorderd. Natuurlijk was alles op de bon en waren er hier ook gaarkeukens voor de ernstigste gevallen. Er was bijvoorbeeld een gaarkeuken in de openbare kleuterschool van juffrouw Smits naast de Hillegondakerk. Deze kleuterschool diende als verdeelstation. De gaarkeuken zelf was gevestigd in de slagerij van Jan van Wensveen in de Dorpsstraat. 

Aan het eind van de oorlog werden grote delen achter de Molenlaan, in Bleiswijk, tot aan Leiden toe, door de Duitsers onder water gezet. Dit met het doel luchtlandingen te bemoeilijken. Al dat water (en ijs in de winter) was, ondanks de zware tijd, een bron van vreugde voor de jeugd.

Tegen het eind van de oorlog waren de Binnenlandse Strijdkrachten gevormd. In de laatste week voor de bevrijding hielden deze in de catacomben van de Christus Koningkerk schietoefeningen. Veel Hillegersbergenaren hebben de bevrijding niet meegemaakt: zij zijn van honger omgekomen, in een concentratiekamp, of vanwege hun ‘verblijf’ in Duitsland. De voedseldroppings bij Terbregge eind april/ begin mei 1945 brachten velen soelaas.

















 

 

Een curieus verhaal is het verhaal van de restauratie van de Hillegondakerk. Die restauratie startte in 1941, dus tijdens de bezetting! De restauratie, die onder leiding stond van architect H. van der Kloot Meijburg, was overigens hard nodig. De muren vertoonden grote scheuren, de kerk begon van de heuvel af te glijden! De fundering is op de zandplaat vastgemaakt, onder de toren is een zware betonfundering aangebracht. Verder zijn er in het gebouw ook verschillende ingrepen gedaan zoals het vergroten van het koor door het wegbreken van een portaal daarin. Ook zitbanken en gangpaden werden gewijzigd. Tijdens de restauratie konden de diensten geen voortgang vinden. De kerkvoogdij wilde diensten in de Emmaschool gan houden, maar dat lieten de Duitsers niet toe. Een lid van kerk stelde toen een groot bedrag ter beschikking waarmee vanaf februari 1941 een hulpkerk kon worden gebouwd. Deze hulpkerk is nog steeds in gebruik: de Bergkapel aan de Oude Raadhuislaan wordt gebruikt door de Vrijzinnig Hervormden en de Remonstranten.


De verdere ontwikkeling van Hillegersberg

Na de Tweede Wereldoorlog werden ook in Hillegersberg bevrijdingsfeesten gehouden op het terrein van Freericks. Op een veld grenzend aan de Strekkade stonden kermisattracties, waaronder een draaimolen.

Veel huizen waar 'foute' mensen waren gaan wonen, kwamen weer leeg en kregen nieuwe bewoners. Op de Hoyledesingel werden huizen gevorderd door het Militair Gezag op kinderhuizen te vestigen. Weeskinderen, maar ook kinderen van afgevoerde NSB'ers. Deze kinderen en ook veel andere 'nieuwe' kindern moesten naar school en kwamen terecht bij de kinderen die hier al lang woonden. Er waren ook kinderen verdwenen. Er was geen enkele begeleiding of opvang. Zeker voor de 'nieuwe' kinderen was de schooltijd vaak erg moeilijk.

Hillegersberg groeide verder uit. Ten noorden van de Molenlaan kwam nieuwe bebouwing. Typerend in dit gebied is de Van Beethovensingel met veel groen en een eigen winkelcentrum. Nog later is villapark Duivesteyn gebouwd, rond twee vijvers. De wijk biedt een goede toegang tot het Lage Bergse Bos in Lansingerland. In de wijk 110-Morgen werd vernieuwd. Het noordelijke gedeelte van de wijk 110-Morgen maakt deel uit van de grotere Vinex-locatie “De Limieten” en is in de periode 1998-1999 bebouwd. Later zijn elders in de wijk veel nieuwbouw gerealiseerd, in een veel luxer segment dan voorheen.

Op de Kleiweg werd in 1960 een tramlijn aangelegd. Niet alleen voor de bewoners, maar ook voor de net door de RET verworven werkplaats. De kantoren van de RET kwamen ook daar. Ook vond in het Kleiwegkwartier nieuwbouw plaats en werden veel huizen verbouwd. Deze oudere huizen zijn zeer gewild bij jonge hoogopgeleide starters op de arbeidsmarkt.

Veel aandacht was er ook voor het kunnen blijven wonen in Hillegersberg, ook als je wat ouder werd. Verschillende nieuwbouwprojecten voor ouderenhuisvesting zijn gerealiseerd.

In en nabij het "oude dorp" floreert ook de horeca. Er waren een zijn veel goed bezochte café-restaurants, zowel aan de Bergse Plassen als in de Bergse Dorpsstraat, langs de Straatweg en op de Freericksplaats.


Hillegersberg als deel van Rotterdam

In de periode kort na de Tweede Wereldoorlog wilde de gemeente Rotterdam haar burgers meer betrekken bij het bestuur van de stad. In 1947 werden in Rotterdam de eerste gekozen wijkraden ingesteld, in 1948 kreeg het gebied Hillegersberg-Schiebroek de eerste wijkraad. De wijkraden adviseerden de gemeenteraad en van het College van burgemeester en wethouders.

Min of meer gelijktijdig met de opbouw van het wijkradenbestel ontstonden er in wijken op initiatief van particulieren uit diverse maatschappelijk (waaronder kerkelijke) instanties organisaties die kunnen worden beschouwd als voorlopers van wat men de jaren zestig “wijkopbouworganen” zou gaan noemen. Ook deze organisaties stelden zich op als vertegenwoordigers van de bewoners.

Vanaf 1972 werd in Rotterdam geleidelijk het deelgemeentebestel ingevoerd: verschillende stadsdelen kregen achtereenvolgens een eigen rechtstreeks door hun bevolking gekozen bestuur met eigen taken en bevoegdheden. Daarnaast behielden deelgemeenten de bevoegdheid gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen aan 'de stad'. Dit beleid paste in het beeld van deze tijd: overal was er sprake van democratisering, spreiding van macht, verzet tegen de oude regentencultuur en de anonimiteit van de stad Rotterdam en de wens te komen tot een 'burgernabij bestuur'. In 1983 werd de wijkraad Hillegersberg-Schiebroek opgeheven en werd Hillegersberg-Schiebroek een deelgemeente.

In maart 2014 kwam als gevolg van landelijk beleid een eind aan het deelgemeentebestel. Hillegersberg-Schiebroek heeft nu een kleinere, rechtstreeks gekozen, gebiedscommissie.

Niet alleen bestuurlijk, maar ook fysiek is er na de Tweede Wereldoorlog veel veranderd in Hillegersberg. Er is veel nieuwbouw gekomen. Bijvoorbeeld de bebouwing van 110-Morgen en het Molenlaankwartier.

Word donateur van de Stichting Histories Hillegersberg: NL68 RABO 0171 9047 53